Hulp bij psychische problemen

Wat is er aan de hand?

Als het niet goed gaat met je… wat dan?

Iedereen voelt zich wel eens somber of ziet het even niet meer zitten. Maar soms groeien de moeilijkheden je boven het hoofd. Je kunt psychisch in de knoop raken. Als je het gevoel hebt dat je er zelf niet meer uitkomt, kan het zijn dat je professionele hulp nodig hebt.

Ongeveer drie miljoen mensen in Nederland hebben jaarlijks psychische klachten. Toch rust er nog vaak een taboe op psychische problemen, terwijl het iedereen kan overkomen. Veel mensen durven niet over hun problemen te praten uit schaamte of uit angst 'gek' gevonden te worden. Toch is het belangrijk om je probleem met anderen te delen en er niet alleen mee rond te blijven lopen.

Wanneer en hoe zoek je hulp?

Wanneer psychische klachten in toenemende mate het functioneren belemmeren, kan het zijn dat je professionele hulp nodig hebt. Blijf er niet te lang mee rond lopen. Schroom niet en neem contact op met je huisarts. Deze kan de mogelijkheden met je bespreken en eventueel doorverwijzen naar GGZ WNB. Ook een specialist of andere arts kan je naar onze organisatie doorverwijzen.

Psychische problemen

De volgende psychische problemen kunnen voorkomen bij volwassenen:


ADHD is een aandoening waarbij mensen last hebben van aandachts- en concentratieproblemen en hyperactiviteit. Hoewel ADHD vaak als kinderziekte wordt gezien, is het een levenslange, aangeboren aandoening. Doordat mensen manieren ontwikkelen om beter met de hyperactiviteit om te gaan, lijkt het alsof ADHD bij volwassenen minder voorkomt.

Volwassenen met ADHD ervaren vaak problemen op allerlei gebieden in het dagelijks leven. Zo kan de aandoening moeilijkheden geven tijdens de studie, op werkgebied, binnen sociale contacten, relatie en gezinsleven. In 70% van de gevallen gaat ADHD gepaard met andere aandoeningen, zoals stemmingsproblematiek, angststoornissen, verslaving en gedrags- of persoonlijkheidsproblemen.

Voorlichting, medicatie en coaching kunnen levens van mensen met ADHD aanzienlijk veranderen. Zo zien we dat door behandeling cliënten geduldiger worden, ze meer rust in hun hoofd ervaren, ze meer rust in hun hoofd ervaren, zich beter kunnen concentreren en ze het dagelijks leven beter kunnen organiseren en plannen.

Iedereen kent in zijn leven situaties waarin hij bang is, waarbij de angst op zich een nuttig gevoel kan zijn. Het waarschuwt je voor gevaar en weerhoudt je van risicovol gedrag.

Bij angststoornissen is er echter sprake van angst bij afwezigheid van gevaar of angst waarbij de mate van angst niet in verhouding staat tot de mate van reëel gevaar. Als iemand door deze te heftige angstige reacties wordt gehinderd in zijn dagelijks functioneren, dan spreken we van een angststoornis. Mensen ondergaan dan allerlei situaties met veel angst en spanning of gaan situaties helemaal uit de weg.

Angststoornissen is een verzamelnaam van verschillende soorten angst. We onderscheiden bijvoorbeeld een fobie, paniekstoornis, dwangstoornis, algemene angststoornis en separatie angststoornis. Het gemeenschappelijke kenmerk van angststoornissen, is dat er sprake is van angst. Angststoornissen zijn in de psychiatrie de meest voorkomende aandoeningen.

Mensen met een autisme spectrum stoornis (kortweg ASS) verwerken informatie anders dan mensen zonder ASS. Dit geldt zowel voor wat men hoort en ziet, maar ook voor andere informatie van de zintuigen. Deze andere informatieverwerking kan problemen geven in de communicatie, sociale interactie en verbeelding. Andere kenmerken van autisme zijn beperkte, zich herhalende stereotype patronen in gedragingen, bezigheden of belangstelling. Bekende vormen zijn bijvoorbeeld Asperger, PDD-NOS en Autisme. Deze aandoeningen hebben ingrijpende gevolgen voor de ontwikkeling van mensen en hun functioneren.

Een ASS is een levenslange, vaak onzichtbare beperking die invloed heeft op vele levensgebieden in alle levensfasen. Naast beperkingen, beschikken mensen met een autisme spectrum stoornis vaak over bijzondere eigenschappen. De mate waarin een autisme spectrum stoornis zich uit in het dagelijks leven, verschilt erg per persoon. Dit vraagt om behandeling en begeleiding op maat.

Mensen met een bipolaire stoornissen hebben te maken met stemmingswisselingen. Het ene moment kunnen ze erg uitgelaten zijn (manie) en het andere moment heel neerslachtig (depressie). Wisselende stemmingen worden afgewisseld met periodes waarin iemand redelijk stabiel is.

Deze aandoening kan gepaard gaan met psychoses: een periode wanneer iemand het normale contact met de werkelijkheid geheel of gedeeltelijk kwijt is. Iemand kan dingen zien of horen die er in werkelijkheid niet zijn (hallucinaties), zoals stemmen. Of iemand heeft last van wanen, waarbij hij ervan overtuigd is dat de hele wereld een complot tegen hem smeedt.

Psychische problemen kunnen ervoor zorgen dat iemands geheugen minder goed werkt. Als iemand zich (langdurig) somber of angstig voelt of een periode slecht slaapt, dan kan hij zich vaak minder goed concentreren. Ook langdurige stress, een lichamelijke ziekte, overmatig alcoholgebruik en bijwerkingen van medicijnen kunnen tot geheugenproblemen leiden. Daarnaast kan ouderdom ook een rol spelen.

Onze afdeling Ouderenpsychiatrie is gespecialiseerd in geheugenproblemen, zoals dementie of andere cognitieve stoornissen. Lees daarom hier verder voor meer informatie over geheugenproblemen.

Veel mensen hebben wel eens last van depressieve klachten, zoals een sombere stemming, weinig energie of geen zin hebben in sociale contacten. Dat betekent echter niet meteen dat er sprake is van een depressieve stoornis. Er is pas sprake van een depressieve stoornis als meerdere symptomen tegelijk over een langere periode aanwezig zijn. De persoon kan zichzelf niet meer 'oppeppen' of beter laten voelen, maar er is sprake van bijvoorbeeld ernstige somberheid of abnormaal verhoogde of geïrriteerde stemming.

Depressie is een vorm van een stemmingsstoornis. Stemmingsstoornissen zijn stoornissen waarbij de stemming min of meer langdurig is veranderd. Verandering van stemming, zoals vreugde en verdriet, zijn normale reacties op voorspoed of tegenslag. Bij een stemmingsstoornis is die verandering intensiever en langduriger. Er zijn verschillende vormen, waaronder depressieve stoornissen, bipolaire stoornissen, stemmingsstoornissen veroorzaakt door een somatische aandoening, of door een middel.

Iemand met een dwangstoornis heeft last van steeds terugkerende dwanggedachten en/of dwanghandelingen. Dwanggedachten zijn gedachten die mensen weliswaar zelf hebben, maar die ze wel vreemd en overdreven vinden en ook niet bij zichzelf vinden passen. Ze kunnen die gedachten niet voorkomen. Dwanghandelingen zijn zich steeds herhalende dingen die iemand op dezelfde speciale manier moet doen. Bijvoorbeeld alles steeds controleren of schoonmaken. Een dwangstoornis noemen we ook wel een obsessief-compulsieve stoornis.

Mensen die lijden aan een eetstoornis zijn extreem veel bezig met eten en hun gewicht. Dit beïnvloedt in grote mate hun dagelijks functioneren. Vormen van eetstoornissen zijn anorexia nervosa, boulimia nervosa en eetbuistoornis (Binge Eating Disorder, afgekort BED).

Anorexia Nervosa
Bij anorexia ben je doodsbang om dik te worden, ook al zit je ver beneden het gewicht dat voor je leeftijd en lengte normaal en gezond is. Al kun je je ribben tellen, toch voel je je abnormaal dik. Afvallen geeft je houvast, een gevoel van controle en het gevoel ergens goed in te zijn. Eten doe je meestal volgens een dwangmatig patroon en vaak moet je het eerst verdienen om te kunnen eten.

Boulima Nervosa
Bij boulimia heb je regelmatig heftige eetbuien. Je eet alles op wat je in huis vindt of gaat eerst inkopen doen. Tijdens zo’n eetbui ben je alle controle over jezelf kwijt en je eet soms uren achter elkaar. Daarna moet je van jezelf braken, laxeermiddelen of vochtafdrijvende pillen slikken om niet aan te komen. Na eetbuien ga je meestal een tijdje fanatiek lijnen.

Binge Eating Disorder (BED)
Bij BED heb je regelmatig eetbuien. In tegenstelling tot boulimia probeer je het eten niet kwijt te raken door laxeermiddelen te gebruiken of te braken. Je neemt hierdoor toe in gewicht. BED is dus veel zichtbaarder dan boulimia. Schaamte kan ervoor zorgen dat je meer psychische problemen en eetbuien krijgt.

Het verschil tussen anorexia en boulimia lijkt groot. Maar mensen met deze eetstoornissen hebben juist veel overeenkomsten:

  • Je bent geobsedeerd door alles wat met eten, gewicht en lichaamsbeweging te maken heeft.
  • Je bent extreem bang om aan te komen en dik te zijn.
  • Je luistert niet naar je lichaam. Je negeert signalen van honger of verzadiging. Je ziet je lichaam altijd dikker dan het echt is en je haat je lichaam.
  • Je houdt je eetprobleem zoveel mogelijk geheim en leidt een dubbelleven met uitvluchten, trucs en leugens.

Er is sprake van een persoonlijkheidsstoornis wanneer we vastzittende patronen hebben in omgang met de omgeving en de kijk naar jezelf, die leiden tot problemen. Kenmerkend voor persoonlijkheidsstoornissen is dat ze diep verankerd liggen in iemands aard en dus vaak al langere tijd bestaan. Als je een persoonlijkheidsstoornis hebt, realiseer je je niet altijd dat je een probleem hebt, omdat je altijd zo geweest bent en denkt dat het zo hoort. Het kan lijken dat anderen of de maatschappij het probleem vormen. Mogelijk ervaar je moeilijkheden in het contact met anderen en loop je vaak vast op verschillende terreinen van je leven en voel je je erg eenzaam. Je raakt regelmatig in conflict met je omgeving of bent bang en achterdochtig. Je hebt het idee dat anderen tekort schieten en ervaart je eigen gedrag mogelijk niet als een probleem, maar voor je omgeving kan het juist moeilijk zijn om met je om te gaan.

De omgeving begrijpt een cliënt met een persoonlijkheidsstoornis niet altijd. Er kan sprake zijn van ongewone overtuigingen en gedragingen. Er zijn ook cliënten met een persoonlijkheidsstoornis die getypeerd worden als impulsief en dramatisch. Meestal is er sprake van impulsieve gedragingen en instabiliteit op het gebied van emoties, identiteit en relaties. Tot slot zijn er ook cliënten met angst en kwetsbaarheid die een persoonlijkheidsstoornis kunnen hebben. Ze hebben dan een afhankelijke-, vermijdende - of obsessief-compulsieve persoonlijkheidsstoornis. Het kan misschien moeilijk zijn om de symptomen van een persoonlijkheidsstoornis bij jezelf te erkennen. Mogelijk vraag je eerder hulp voor de klachten die een gevolg zijn van de persoonlijkheidsstoornis, zoals relatieproblemen, depressie, agressie, angst en verslaving.

De maatschappij stelt hoge eigen, eisen waaraan mensen met een lichte verstandelijke beperking vaak niet kunnen voldoen waardoor ze problemen op school, met werk of in hun sociale leven kunnen krijgen. Lukt het niet hiervoor goede oplossingen te vinden, dan ontstaan soms psychiatrische problemen. In sommige gevallen leiden dit tot het (bijna) plegen van een delict of het laten zien van ernstig probleemgedrag.

Onze afdeling Forensische psychiatrie en Licht Verstandelijk Beperkten is gespecialiseerd in de behandeling van Licht Verstandelijk Beperkten. Lees daarom hier verder voor meer informatie over de behandeling van deze cliënten.

Voor sommige genotsmiddelen is sociaal gebruik haast niet mogelijk, omdat ze zo verslavend werken dat er al snel sprake is van afhankelijkheid. Als het gebruik een vaste plek krijgt in je leven (bijvoorbeeld wijn bij het eten of koken), en je eigenlijk niet meer over het gebruik nadenkt, is het een gewoonte geworden. Wanneer het gebruik een functie krijgt (ontspannen, in slaap komen of negatieve gevoelens laten verdwijnen), dan is er sprake van probleemgebruik.

Vaak gebruiken probleemgebruikers al meer dan sociaal gebruikers, al is dat geen criterium. Wanneer je echt niet in slaap komt zonder één borrel kan er ook al sprake zijn van probleemgebruik. Ongemerkt verschuift de grens van probleemgebruik naar misbruik of verslaving. Het verlangen naar middelen is dan zo groot dat de gezondheid, het gezin of sociaal leven er onder lijdt. Wanneer de hoeveelheid van het gebruik een probleem is, en er tolerantie en ontwenningsverschijnselen optreden kan er sprake zijn van een verslaving. Cliënten met een dubbele diagnose kampen met een ernstig verslavingsprobleem in combinatie met een ernstige psychiatrische stoornis. De middelen-afhankelijkheid én de psychiatrische stoornis versterken elkaar en bemoeilijken de behandeling. Vaak hebben ze ook veel lichamelijke klachten.

Veel mensen vinden het lastig om te herkennen wanneer er sprake is van een probleem. Toegeven dat er iets aan de hand is, is het moeilijkste. Als je dit gedaan hebt, dan heb je de grootste overwinning al bereikt.

Voorlichtingsvideo's
Klik op de afbeeldingen om de interactieve video's af te spelen.

Psychische klachten en middelengebruik
video 1

Hoe werkt drugsverslaving?
video 2

Vier ervaringsverhalen over middelengebruik
video 3

Iedereen beschikt wel in meer of mindere mate over fantasie. Fantasie kan heel nuttig zijn. Maar wat als de werkelijkheid naar de achtergrond schuift?

Wanneer je het normale contact met de werkelijkheid kwijt bent, dan kan dit blijken uit het zien of horen van dingen die er niet zijn (hallucinaties), denkbeelden die niet overeenkomen met de realiteit (wanen) en verward denken. Als je erg verward raakt, stemmen gaat horen of denkt dat je achtervolgd wordt, dan kan er sprake zijn van een psychose. Een psychose betekent dat u het contact met de werkelijkheid verloren bent. Een psychose kan samenhangen met verschillende psychiatrische ziektebeelden, zoals schizofrenie, depressie, manie, dementie.

Als je een psychose hebt kan er sprake zijn van schizofrenie. Dit is niet noodzakelijk, want een psychose kan ook een andere oorzaak hebben. Schizofrenie begint vaak heel onopvallend. Het begint veelal in de puberteit. Je raakt steeds meer verwijderd van de werkelijkheid en gaat rare dingen denken. Je gedachtegang wordt onlogisch en onnavolgbaar.

Van schizofrenie is sprake als iemand een langdurige psychose of meerdere psychosen heeft doorgemaakt en in de tussenliggende periodes niet goed functioneert. Een psychose is een toestand waarbij iemands contact met de werkelijkheid ernstig verstoord is. Iemand ziet bijvoorbeeld beelden of hoort stemmen die er voor anderen niet zijn. Of iemand is ervan overtuigd dat hij wordt achtervolgd. Mensen in een psychose leven in hun eigen werkelijkheid.

Schizofrenie is een ingewikkelde ziekte met vaak ernstige psychische en sociale gevolgen. Er is niet één enkele oorzaak voor schizofrenie, maar vele tegelijk. Het is niet makkelijk schizofrenie vast te stellen: er zijn veel verschijnselen die in allerlei combinaties bij schizofrenie voorkomen. Het verloop van schizofrenie is niet eenduidig: bij sommige mensen gaat het over, terwijl anderen niet herstellen of juist verder achteruitgaan. Dit verschil kan zich zelfs binnen een en dezelfde familie voordoen. Meestal openbaart schizofrenie zich voor het eerst in de leeftijd van zestien tot vijfendertig jaar.

Soms kunnen ingrijpende gebeurtenissen (trauma) zoals geweld, misbruik of een ongeluk zo diep ingrijpen in het leven dat er psychische klachten ontstaan. Voor het verwerken van een schokkende gebeurtenis is tijd nodig. Als die verwerking te lang duurt, of helemaal uitblijft, is er sprake van een trauma.

Daarbij kun je denken aan klachten als nachtmerries en steeds terugkerende beelden in je hoofd. Je gaat situaties uit de weg die je aan de gebeurtenis herinneren, je krijgt te maken met verhoogde prikkelbaarheid, slaapproblemen, nachtmerries en herbeleving van de gebeurtenis. Ook kun je last hebben van angsten, slaapstoornissen, geheugenverlies, gespannen zijn, prikkelbaarheid, boosheid en depressieve gevoelens. Wat een onverwerkt trauma precies met iemand doet, verschilt per persoon.

Er wordt over het algemeen een onderscheid gemaakt tussen:

  • Psychische klachten na een eenmalige schokkende ervaring, bijvoorbeeld een ongeluk.
  • Psychische klachten na een serie van traumatische gebeurtenissen, bijvoorbeeld (seksuele) mishandeling of (oorlogs)geweld.